ECLI:NL:GHARN:2012:BZ0171
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- A. Roelvink-Verhoeff
- A. Smeeïng-van Hees
- A.E.F. Hillen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep kinderalimentatie na echtscheiding met vaststelling draagkracht ouders
Partijen zijn gescheiden en gezamenlijk belast met het ouderlijk gezag over hun minderjarige kind. De rechtbank had eerder de bijdrage van de vrouw in de kinderalimentatie vastgesteld op €249 per maand, maar de vrouw ging hiertegen in hoger beroep. Het hof heeft de draagkracht van beide ouders beoordeeld aan de hand van hun inkomsten, lasten en fiscale regelingen.
De man woont in de voormalige echtelijke woning en betaalt de hypotheeklasten, waarbij het hof rekening hield met de eigenwoningregeling en het eigenwoningforfait. De vrouw woont elders en betaalt huur. Het hof concludeerde dat de vrouw draagkracht heeft voor een lagere bijdrage dan door de rechtbank vastgesteld, mede omdat zij het fiscaal voordeel niet kan realiseren.
De man ontvangt een WIA-uitkering en de vrouw heeft een belastbaar loon van circa €27.000. Het hof stelde de behoefte van het kind vast op €457 per maand in 2011, geïndexeerd naar €462,94 in 2012. Op basis van de draagkracht van partijen werd de bijdrage van de vrouw vastgesteld op €110 per maand vanaf december 2011 en €147 per maand vanaf maart 2012.
De bestreden beschikking van de rechtbank werd vernietigd en het hof bepaalde dat elke partij haar eigen kosten draagt. De procedure betrof een zorgvuldige herbeoordeling van de draagkracht en kinderalimentatie na echtscheiding.
Uitkomst: De bijdrage van de vrouw in de kosten van verzorging en opvoeding van het kind is vastgesteld op €110 per maand vanaf december 2011 en €147 per maand vanaf maart 2012.