ECLI:NL:GHDHA:2013:2472
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens ontbreken bewijs voor beroepsmatige hennepteelt en criminele organisatie
Deze strafzaak betreft het hoger beroep tegen de vrijspraak van verdachte door de rechtbank Dordrecht inzake beroepsmatige hennepteelt en deelname aan een criminele organisatie. De officier van justitie had hoger beroep ingesteld en vorderde een gevangenisstraf van 30 maanden.
Het hof heeft het bewijs en de stukken in het dossier beoordeeld, waaronder het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep op 28 februari en 27 juni 2013. Hoewel is vastgesteld dat verdachte een werkrelatie had met een medeverdachte rechtspersoon, is niet wettig en overtuigend bewezen dat hij betrokken was bij een samenwerkingsverband gericht op het plegen van de strafbare feiten zoals bedoeld in artikel 140 Sr Pro.
De vondst van hennepplantjes in een afvalbak op een voor iedereen toegankelijke plaats werd door het hof niet als bewijs van betrokkenheid bij hennepteelt aangemerkt. Het hof sloot zich aan bij de overwegingen van de rechtbank en bevestigde het vonnis van vrijspraak. Daarmee werd de verdachte vrijgesproken van alle ten laste gelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van beroepsmatige hennepteelt en deelname aan een criminele organisatie.