ECLI:NL:GHDHA:2013:3391
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- J.W. van Rijkom
- J.J. Roos
- W.E. Merens
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging inbewaringstelling feitelijk bestuurder Foodmix International B.V. wegens niet-nakoming inlichtingenplicht
In deze zaak heeft het gerechtshof Den Haag op 9 juli 2013 het hoger beroep behandeld tegen de beschikking van de rechtbank die de inbewaringstelling van de feitelijk bestuurder van Foodmix International B.V. had bevolen. Foodmix was op 21 mei 2013 failliet verklaard en de curator had een verzoek gedaan tot inbewaringstelling wegens gegronde vrees dat de bestuurder niet aan zijn wettelijke inlichtingenplicht zou voldoen.
De rechtbank had geoordeeld dat de feitelijk bestuurder als zodanig kon worden aangemerkt en dat er een gegronde vrees bestond dat hij zijn verplichtingen niet zou nakomen. De bestuurder stelde zich op het standpunt dat zijn zwijgrecht (nemo tenetur) prevaleert boven de inlichtingenplicht, omdat de verstrekte informatie mogelijk in een strafzaak tegen hem gebruikt zou kunnen worden.
Het hof oordeelde dat de inlichtingenplicht ook op de feitelijk bestuurder rust en dat de rechtbank terecht de inbewaringstelling had bevolen. Het hof achtte de waarborg dat de verklaring niet als bewijs in een strafzaak mag worden gebruikt voldoende en vond dat het nemo tenetur-beginsel niet zover reikt dat het de inlichtingenplicht zou opheffen. De beschikking van de rechtbank werd daarom bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de inbewaringstelling van de feitelijk bestuurder wegens het niet nakomen van zijn inlichtingenplicht onder voldoende waarborg tegen schending van het nemo tenetur-beginsel.