ECLI:NL:GHDHA:2013:3692
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep kort geding
- Mink
- Van den Wildenberg
- Kamminga
- Rechtspraak.nl
Betaling en verdeling hypothecaire lasten na verbreking samenleving gezamenlijke woning
De vrouw is in hoger beroep gekomen tegen het vonnis van de voorzieningenrechter waarin de man werd veroordeeld tot betaling van de helft van de achterstand en de maandelijkse hypothecaire lasten van hun gezamenlijke woning.
Het hof stelt vast dat partijen tot 29 januari 2013 samenwoonden en daarna niet meer. Tot die datum moet de man de volledige hypothecaire lasten betalen, aangezien de vrouw de overige lasten droeg. De achterstand bedroeg op die datum €7.837,80, welke de man volledig moet voldoen.
Vanaf 29 januari 2013 geldt dat partijen ieder voor de helft bijdragen in de hypothecaire lasten, waarbij rekening wordt gehouden met het fiscale voordeel van €453 per maand dat de man ontvangt. Dit leidt tot een maandelijkse betaling door de man van €833,80 en door de vrouw van €380,80.
Het hof vernietigt het bestreden vonnis en veroordeelt de man tot betaling van de volledige achterstand en de aangepaste maandelijkse lasten, met een dwangsom bij niet-nakoming. De proceskosten worden ieder voor eigen rekening gelaten.
Uitkomst: De man wordt veroordeeld tot betaling van de volledige achterstand en aangepaste maandelijkse hypothecaire lasten met een dwangsom bij niet-nakoming.