Uitspraak
Gerechtshof Den Haag
Arrest
[verdachte],
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
4 (vier) weken.
Gerechtshof Den Haag
De verdachte werd in hoger beroep veroordeeld voor twee feiten: het opzettelijk beledigen van een buitengewoon opsporingsambtenaar tijdens diens rechtmatige bediening op 11 mei 2011 te Leiden, en het mishandelen van een hoofdmedewerker arrestantenverzorger van de politie Rotterdam-Rijnmond op 12 juni 2011 te Rotterdam. De belediging bestond uit het uiten van grove, beledigende woorden, terwijl de mishandeling bestond uit het slaan tegen het oor van het slachtoffer, waardoor deze pijn ondervond.
De verdediging betoogde niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie wegens een vormverzuim bij het voorbereidend onderzoek, omdat camerabeelden van het incident niet waren bekeken en niet meer beschikbaar waren. Het hof oordeelde echter dat dit geen onherstelbaar vormverzuim opleverde en dat het recht op een eerlijk proces niet was geschonden, mede omdat de verdachte geen verklaring had afgelegd en de betrokken politieambtenaren onder ede hadden verklaard.
Het hof achtte de ten laste gelegde feiten wettig en overtuigend bewezen en wees op het ernstige karakter van de feiten, het gebrek aan respect voor het openbaar gezag en het eerdere strafblad van de verdachte. Daarom werd een gevangenisstraf van 4 weken opgelegd, een vermindering ten opzichte van de eis van 6 weken, met aftrek van voorarrest.
Het vonnis van de politierechter werd vernietigd en het hof sprak de verdachte vrij van hetgeen niet bewezen kon worden verklaard. Het arrest werd uitgesproken op 18 september 2013 door het Gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: De verdachte is veroordeeld tot 4 weken gevangenisstraf voor belediging en mishandeling van ambtenaren in functie.