Uitspraak
Gerechtshof Den Haag
Arrest
[veroordeelde],
BESLISSING
€ 44.000,00 (vierenveertigduizend euro).
betaling aan de Staatter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel van een bedrag van
€ 35.000,00 (vijf en dertig duizend euro).
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Den Haag
De veroordeelde werd in eerste aanleg veroordeeld voor het telen van hennep en tot betaling van een bedrag ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel. De officier van justitie schatte dit voordeel aanvankelijk op €181.184,32, later verlaagd tot €45.000. De rechtbank stelde het bedrag vast op €40.000. De veroordeelde ging in hoger beroep tegen deze ontnemingsvordering.
Het hof onderzocht het dossier en oordeelde dat het niet van belang is of de veroordeelde ook voor verkoop van hennep is veroordeeld, aangezien telen volgens de wetsgeschiedenis het gehele illegale productieproces omvat. Het verzoek tot het horen van getuigen werd afgewezen omdat het hof meende dat de verdediging niet in haar belangen werd geschaad.
De verdediging voerde aan dat vernietigd bewijsmateriaal (een plankje met tekst) niet nader onderzocht kon worden, maar het hof verwierp dit verweer omdat de fotokopie voldoende duidelijk was en geen aanwijzingen voor andere interpretaties bestonden.
Op basis van het rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel stelde het hof vast dat er sprake was van één oogst van 770 hennepplanten met een bruto opbrengst van circa €47.812,38. Na aftrek van kosten van €3.748 resteerde een netto wederrechtelijk verkregen voordeel van €44.064,38, afgerond €44.000.
Het hof constateerde een overschrijding van de redelijke termijn en verlaagde de betalingsverplichting met €9.000, waardoor de veroordeelde uiteindelijk tot betaling van €35.000 werd veroordeeld. Het vonnis van de rechtbank werd vernietigd en het arrest van het hof is op 2 oktober 2013 uitgesproken.
Uitkomst: Veroordeelde wordt veroordeeld tot betaling van €35.000 ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel uit hennepteelt.