ECLI:NL:GHDHA:2013:4092
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- U.E. Tromp
- J.T. Sanders
- W.M.G. Visser
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep omzetbelasting raamprostitutiebedrijf en tarieftoepassing
Belanghebbende exploiteert een raamprostitutiebedrijf en betwist naheffingsaanslagen omzetbelasting opgelegd door de Inspecteur. In eerste aanleg verklaarde de rechtbank de beroepen ongegrond. Belanghebbende stelt in hoger beroep dat sprake is van willekeur, omdat vergelijkbare diensten in de hotelbranche met het verlaagde tarief worden belast, dat haar diensten buiten de Nederlandse heffing blijven voor prostituees die niet in Nederland gevestigd zijn, en dat haar prestaties als verhuur van onroerend goed moeten worden aangemerkt.
Het Hof overweegt dat de diensten van belanghebbende meer omvatten dan enkel verhuur van kamers, gezien de exploitatievergunning, toezicht, bewaking en andere verplichtingen die bijdragen aan een veilige en schone werkplek. De stelling dat de diensten buiten Nederlandse heffing vallen wordt verworpen, omdat de plaats van dienst samenvalt met de plaats waar de prostitutiediensten worden verricht, namelijk Nederland.
De klacht over willekeur faalt, aangezien niet is gebleken dat de Inspecteur ondernemers in de hotelbranche onterecht anders behandelt. Ook de kwalificatie van de prestaties als verhuur van onroerend goed wordt afgewezen op grond van recente jurisprudentie van de Hoge Raad. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt dat de diensten van het raamprostitutiebedrijf belast zijn met het algemene tarief omzetbelasting en wijst het hoger beroep af.