ECLI:NL:GHDHA:2013:4309
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Stille
- van Nievelt
- van Kempen
- Rechtspraak.nl
Ontslag van instantie wegens niet verschijnen na vervroeging dagvaardingstermijn
In deze zaak heeft appellant, die in eerste aanleg als eiser optrad, in hoger beroep de geïntimeerden gedagvaard met een dagvaardingstermijn tot 10 september 2013. Geïntimeerden hebben vervolgens gebruikgemaakt van artikel 126 lid 1 en Pro 2 Rv door middel van een anticipatie-exploot de dagvaardingstermijn te vervroegen en de zaak op 2 juli 2013 op de rol te plaatsen.
Op deze vervroegde roldatum is appellant niet verschenen, noch bij advocaat, waarop verstek is verleend. Appellant kreeg op 16 en 30 juli 2013 nog de gelegenheid een procesvertegenwoordiger te stellen, maar heeft hiervan geen gebruik gemaakt. Ook op de oorspronkelijk aangezegde datum van 10 september 2013 verscheen appellant niet.
Het hof oordeelt dat op grond van artikel 126 lid 1 en Pro 2 Rv en artikel 353 Rv Pro het ontslag van appellant van de instantie gerechtvaardigd is. Tevens wordt appellant veroordeeld in de kosten van het hoger beroep, die zijn vastgesteld op €683 griffierecht en €816 salaris advocaat volgens het liquidatietarief.
Het arrest is gewezen door de rechters Stille, van Nievelt en van Kempen en uitgesproken op 12 november 2013.
Uitkomst: Appellant wordt van de instantie ontslagen wegens niet verschijnen na vervroeging dagvaardingstermijn en veroordeeld in de kosten.