Uitspraak
Gerechtshof Den Haag
Arrest
[verdachte],
BESLISSING
vrij;
af.
Gerechtshof Den Haag
Het gerechtshof Den Haag behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Rotterdam waarin verdachte was vrijgesproken van diefstal met geweld en bedreiging. De officier van justitie had hoger beroep ingesteld en vorderde een gevangenisstraf van vijf jaar en toewijzing van schadevergoeding.
De tenlastelegging betrof een overval op een woning waarbij ernstig lichamelijk letsel werd toegebracht aan het slachtoffer. Verdachte werd ervan beschuldigd samen met een mededader de diefstal te hebben gepleegd en geweld te hebben gebruikt. De verdachte ontkende de overval te hebben gepleegd en gaf een alternatieve verklaring.
Het hof oordeelde dat er gerede twijfel bestond over de betrokkenheid van verdachte, mede vanwege tegenstrijdigheden in verklaringen, het verschil in lichaamslengte tussen verdachte en de door het slachtoffer beschreven dader, en het ontbreken van bewijs dat de gevonden schoen aan verdachte toebehoorde. Hierdoor was niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het misdrijf had gepleegd.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en sprak verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten. Tevens wees het de vordering tot gevangenneming af. De zaak illustreert het belang van overtuigend bewijs en het toetsen van verklaringen in strafzaken.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van diefstal met geweld en bedreiging.