Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
PROCESVERLOOP IN HOGER BEROEP
- de rechthebbende, bijgestaan door haar advocaat;
- de vader;
- [broer], broer van de rechthebbende,
- mevrouw J. Karman.
Gerechtshof Den Haag
De rechthebbende, woonachtig bij Stichting Middin en begeleid door mevrouw Karman, verzoekt de opheffing van het bewind dat jaren geleden is ingesteld vanwege financieel wanbeheer bij een vorige instelling.
De vader, tevens bewindvoerder, ondersteunt dit verzoek en geeft aan dat de financiële situatie stabiel en overzichtelijk is, mede dankzij de samenwerking met mevrouw Karman en de broer van de rechthebbende. De rechthebbende ontvangt een Wajong-uitkering die zij deels zelf beheert en deels via een spaarrekening onder toezicht van de vader wordt beheerd.
Het hof stelt vast dat de oorspronkelijke redenen voor het bewind niet meer bestaan en dat het huidige systeem van financieel beheer adequaat functioneert. De rechthebbende toont voldoende inzicht in haar financiële situatie en kan hulp vragen indien nodig.
Daarom vernietigt het hof de eerdere beschikking en heft het bewind op met ingang van 1 december 2013, waarbij de bewindvoerder verplicht wordt om rekening en verantwoording af te leggen aan de kantonrechter.
Uitkomst: Het hof heft het bewind over de goederen van de rechthebbende op met ingang van 1 december 2013.