ECLI:NL:GHDHA:2013:BZ5102
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep kort geding
- Kamminga
- Van Dijk
- Mink
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging straat- en contactverbod in hoger beroep na geschil tussen ex-partners
In deze zaak vordert de man in hoger beroep vernietiging van het vonnis dat hem een straat- en contactverbod oplegt, met een dwangsom van €500 per overtreding. Het hof gaat uit van de feiten zoals vastgesteld door de rechtbank en beoordeelt de grieven van de man.
De man betwist onder meer het spoedeisend belang, de motivering van het verbod, de omvang en duur van het verbod en de hoogte van de dwangsom. Het hof oordeelt dat het spoedeisend belang terecht is aangenomen gezien eerdere aangiften en de gespannen verhouding tussen partijen. Ook is het straat- en contactverbod proportioneel en gerechtvaardigd vanwege de ontoelaatbare inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van de vrouw.
Verder acht het hof de duur van het verbod van één jaar redelijk en de dwangsom proportioneel, ondanks de financiële situatie van de man die onder bewind staat. De grieven falen en het hof bekrachtigt het vonnis van de voorzieningenrechter. De kosten van het hoger beroep worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het straat- en contactverbod met dwangsom en wijst de grieven van de man af.