ECLI:NL:GHDHA:2013:BZ8990
Gerechtshof Den Haag
- Herziening
- A. Dupain
- M.A.F. Tan-de Sonnaville
- A.V. van den Berg
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot uitvoerbaarverklaring bij voorraad van gehele arrest
Het gerechtshof Den Haag heeft op 7 mei 2013 een beslissing genomen over een verzoek van appellant om een kennelijke fout in het arrest te verbeteren. Appellant verzocht om het arrest, dat op 26 februari 2013 was gewezen, zowel in het principaal als incidenteel appel uitvoerbaar bij voorraad te verklaren. Dit verzoek werd ingediend omdat appellant meende dat het hof ten onrechte het arrest slechts ten aanzien van de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad had verklaard.
Levoplant, de verweerster in de zaak, maakte bezwaar tegen dit verzoek. Het hof overwoog dat een uitvoerbaarverklaring bij voorraad alleen een functie heeft bij veroordelingen, zodat deze veroordelingen kunnen worden geëxecuteerd voordat de uitspraak onherroepelijk is. Omdat het arrest verder alleen een vernietiging en afwijzing van vorderingen bevatte, had appellant geen belang bij een uitvoerbaarverklaring van het arrest voor het overige.
Het hof stelde vast dat er geen sprake was van een kennelijke vergissing en wees het verzoek af. De beslissing werd gegeven door de rechters A. Dupain, M.A.F. Tan-de Sonnaville en A.V. van den Berg. De zaak betrof een civiel appel tussen appellant en Levoplant OG B.V., waarbij het arrest van 26 februari 2013 centraal stond.
Uitkomst: Het verzoek om het gehele arrest uitvoerbaar bij voorraad te verklaren is afgewezen.