ECLI:NL:GHDHA:2013:BZ9226
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging gevangenisstraf voor grote hoeveelheid heroïne en vals reisdocument
De verdachte werd primair beschuldigd van het opzettelijk buiten Nederland brengen van circa 6372 gram heroïne en subsidiair van het vervoeren en aanwezig hebben van deze grote hoeveelheid heroïne. Daarnaast werd hem ten laste gelegd dat hij in het bezit was van een vals Frans identiteitsbewijs.
In eerste aanleg werd de verdachte veroordeeld tot 42 maanden gevangenisstraf met aftrek van voorarrest. Tegen dit vonnis werd hoger beroep ingesteld. Tijdens het hoger beroep werd onder meer het verweer van schending van de redelijke termijn aangevoerd, aangezien het dossier pas zes maanden na het instellen van het hoger beroep bij het hof was ingediend.
Het hof oordeelde dat ondanks de termijnoverschrijding van zes maanden, de voortvarende behandeling van het hoger beroep binnen zestien maanden na instellen van het beroep geen aanleiding gaf tot strafvermindering. Ook werd geoordeeld dat de regeling voorwaardelijke invrijheidstelling niet van toepassing was gezien de nationaliteit en verblijfsstatus van de verdachte, hetgeen niet tot matiging van de straf leidde.
Het hof bevestigde het vonnis van de rechtbank Dordrecht van 22 december 2011 en legde de onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 42 maanden met aftrek van voorarrest vast. De behandeling in hoger beroep bracht geen andere overwegingen of beslissingen dan die van de rechtbank, behalve een aanvulling op de gronden.
Uitkomst: Het hof bevestigt de gevangenisstraf van 42 maanden met aftrek van voorarrest.