ECLI:NL:GHDHA:2013:CA1966
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- A. Kuijer
- M.I. Veldt-Foglia
- T.J.P. van Os van den Abeelen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen veroordeling wegens illegaal verblijf ondanks ongewenstverklaring
De verdachte verbleef op 26 augustus 2010 in Nederland terwijl hij wist dat hij tot ongewenst vreemdeling was verklaard. De Terugkeerrichtlijn was op dat moment nog niet geïmplementeerd in het Nederlandse recht, waardoor deze niet van toepassing was op het ten laste gelegde feit.
De verdediging voerde onder meer aan dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moest worden verklaard wegens het niet doorlopen van de terugkeerprocedure, en dat de verdachte vrijgesproken moest worden. Het hof verwierp deze verweren omdat de richtlijn niet van toepassing was en omdat ook bij toepassing van de richtlijn strafrechtelijke sancties mogelijk zijn.
Uit het dossier bleek dat de verdachte herhaaldelijk was aangesproken om Nederland te verlaten, maar geen adequate pogingen had ondernomen en onvoldoende medewerking verleende bij het vaststellen van zijn identiteit en bij terugkeerprocedures. Het hof concludeerde dat de verdachte niet alles in het werk had gesteld om aan zijn vertrekverplichting te voldoen.
Het hof veroordeelde de verdachte tot een gevangenisstraf van drie maanden, rekening houdend met zijn meervoudige recidive en de lange periode in vreemdelingenbewaring. Een geheel voorwaardelijke straf werd passend geacht vanuit het oogpunt van generale en speciale preventie.
Uitkomst: De verdachte is veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie maanden wegens illegaal verblijf ondanks ongewenstverklaring.