ECLI:NL:GHDHA:2013:CA2200
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Lückers
- Husson
- Kamminga
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep wegens te late betaling griffierecht
De man is in hoger beroep gekomen tegen een beschikking van de rechtbank Dordrecht waarin zijn alimentatieverplichting was vastgesteld op €347 per maand ten behoeve van zijn minderjarige kind. Hij stelde dat het griffierecht tijdig was betaald op 21 november 2012, gebaseerd op een bankafschrift dat de afschrijving op die datum aantoonde.
Het hof stelde vast dat de betaling van het griffierecht niet tijdig was bijgeschreven op de rekening van het gerechtshof, maar pas op 22 november 2012. Volgens de Wet griffierechten burgerlijke zaken (Wgbz) is de datum van bijschrijving bepalend, niet de datum van afschrijving van de bankrekening van de betaler.
De man voerde aan dat eventuele vertraging bij de bank niet aan hem toegerekend kan worden en beriep zich subsidiair op de hardheidsclausule wegens zijn financiële situatie en het belang bij behandeling van het hoger beroep. Het hof oordeelde echter dat de te late betaling voor zijn rekening en risico komt en dat de hardheidsclausule niet van toepassing is, mede omdat de man andere rechtsmiddelen heeft om de beschikking aan te vechten.
Daarom verklaarde het hof de man niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep en wees het beroep af zonder inhoudelijke behandeling.
Uitkomst: De man is niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep wegens te late betaling van het griffierecht.