ECLI:NL:GHDHA:2013:CA3586
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake niet-ontvankelijkheid belanghebbende bij beroep tegen uitspraak op bezwaar niet in Nederland belastbaar inkomen
Belanghebbende had voor het jaar 2007 geen aangifte gedaan van haar wereldinkomen, waarop de Inspecteur ambtshalve een niet in Nederland belastbaar inkomen (NiNbi) van €42.000 vaststelde. Na bezwaar verklaarde de Inspecteur belanghebbende niet-ontvankelijk en verminderde de NiNbi-beschikking tot nihil. De rechtbank kende belanghebbende een schadevergoeding en proceskosten toe, waarbij partijen een compromis sloten over de vergoeding.
De Inspecteur stelde hoger beroep in tegen de uitspraak van de rechtbank. Het Hof oordeelde dat belanghebbende op het moment van het indienen van haar beroepschrift bij de rechtbank geen belang meer had bij het beroep, omdat de NiNbi-beschikking reeds ambtshalve was verminderd. Daardoor had de rechtbank belanghebbende niet-ontvankelijk moeten verklaren. Tevens bleek uit het onderzoek dat het vermeende compromis over proceskosten en schadevergoeding niet aannemelijk was.
Het Hof vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank en bevestigde de uitspraak op bezwaar. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Belanghebbende kan nog cassatieberoep instellen bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Belanghebbende wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar beroep, uitspraak rechtbank vernietigd en uitspraak op bezwaar bevestigd.