ECLI:NL:GHDHA:2014:1273
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen naheffingsaanslag parkeerbelasting op runshopplaats met gehandicaptenkaart
Belanghebbende parkeerde zijn auto op 25 november 2012 op een runshopplaats in Delft waar een geldige gehandicaptenparkeerkaart normaal vrijstelling geeft van parkeerbelasting. De gemeente Delft had echter bepaald dat op deze runshopplaatsen de vrijstelling niet geldt en dat parkeerbelasting betaald moet worden. Een parkeercontroleur constateerde dat belanghebbende geen parkeerbelasting had betaald en legde een naheffingsaanslag op.
De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond en oordeelde dat de parkeerregels voldoende kenbaar waren gemaakt door bebording en dat van belanghebbende mocht worden verwacht dat hij zich op de hoogte stelde van het parkeerregime, ook gezien zijn gehandicaptenkaart.
In hoger beroep oordeelt het Hof dat in een gemeente als Delft, waar doorgaans gehandicaptenparkeerkaarten vrijstelling geven, de uitzondering dat op runshopplaatsen deze kaart niet geldig is duidelijk kenbaar moet zijn gemaakt. Het Hof stelt vast dat aan deze kenbaarheidseis niet is voldaan en vernietigt daarom de naheffingsaanslag en de eerdere uitspraken. De Inspecteur wordt veroordeeld tot vergoeding van de betaalde griffierechten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en de naheffingsaanslag parkeerbelasting wordt vernietigd wegens onvoldoende kenbaarheid van de uitzondering voor gehandicaptenparkeerkaarten op runshopplaatsen.