Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Afdeling Civiel recht
wonende te [woonplaats],
1.Het geding
2.Beoordeling van het hoger beroep
- 1 juni: overleg met de heer [erflater]: 10 – 16 uur inclusief lunch bij Kaat Mossel, 6 uur;
- 2 juni: bezoek met de heer [erflater] aan advocaat en deurwaarder inzake [een derde], `s avonds ontvangst twee relaties van de heer [erflater], 12 uur.
- 3 juni: bezoek wethouder van Rotterdam + lunch 3,5 uur, diner met relatie van de heer [erflater] 4,5 uur;
- 4 juni: bezoek van de gitaar man en bezoek derden 3 uur, `s avonds diner met [een derde] 5 uur;
- 5 juni: de heer[erflater] vergezeld de hele dag naar diverse locaties en diner bij ons 14 uur;
- 6 juni: gesprek met [een derde] 3 uur;
- 7 juni: bezoek en ontvangst bij de heer [erflater] 7 uur;
- 8, 9 en 10 juni: bijna 3 x 24 uur in ziekenhuis, specialist en doktoren familie ingelicht, vrienden geraadpleegd en steun aan de stervende heer [erflater] gegeven 41 uur
- totaal aantal uren 99
- gedeclareerd middels nota van 11 juni 2010: 58 uur x € 120 excl. btw.
- de erfgenamen hebben tot driemaal toe getracht om van appellant in zijn hoedanigheid van executeur af te komen;
- men dient zich te beraden, voor te bereiden, hulp te zoeken op juridisch gebied en men dient te verschijnen in rechte als men wordt opgeroepen;
- in de urenstaat welke is overgelegd bij conclusie van antwoord in eerste aanleg als productie 13 worden op de verticale as de onderwerpen waaraan tijd is besteed genoemd en op de horizontale as de maanden en jaren alsmede de in die maanden bestede uren;
- hij heeft zich moeten voorbereiden op procedure I, II en III;
- in de maanden september 2011 tot en met januari 2012 heeft appellant veelvuldig contact gezocht met derden ter voorbereiding van weer een dreigement met een dagvaarding;
- de totale 37 uur betreft dus wel degelijk kosten welke appellant heeft gedeclareerd als reactie op de onheuse aanvallen van de erfgenamen.
- het is juist dat geïntimeerden (sub 1 en 2) om het ontslag van appellant als executeur hebben verzocht;
- geïntimeerden achten het niet onaannemelijk dat appellant uren heeft besteed aan de procedures, doch zij betwisten wel het aantal uren alsmede het feit dat appellant deze uren heeft gedeclareerd aan de boedel. Dit zijn immers geen kosten van executele noch loon;
- een onderscheid moet worden gemaakt tussen de kosten van executele, die een executeur maakt in het kader van de uitoefening van zijn taken en werkzaamheden volgens de wet of testament, en loon, dat een executeur in rekening mag brengen voor de uitvoering van zijn taken en werkzaamheden;
- zoals appellant in zijn appeldagvaarding heeft vermeld, heeft appellant geen (on)kosten behoeven te maken ten aanzien van de procedures;
- de uren die de executeur derhalve in rekening heeft gebracht aan de boedel ten aanzien van de gerechtelijke procedures, zien op loon. Dit is evenwel in strijd met de wet alsmede met de redelijkheid en billijkheid;
- voor uren die zijn besteed aan gerechtelijke procedures, waarbij het functioneren van de executeur centraal staat, kan geen loon in rekening worden gebracht;
- subsidiair betwisten geïntimeerden het aantal uren dat appellant aan de gerechtelijke procedures zou hebben besteed.
3.Beslissing
- vastrecht € 683,-
- advocaat € 1.158,-;