ECLI:NL:GHDHA:2014:2815
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep kort geding
- Mink
- Kamminga
- Sutorius-van Hees
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging afwijzing omgangsregeling in afwachting van raadsonderzoek
De man is in hoger beroep gekomen tegen het vonnis van de voorzieningenrechter die zijn verzoek tot een omgangsregeling met zijn minderjarige kinderen afwees. Hij vorderde dat, totdat in de bodemprocedure een beslissing wordt genomen, omgang met de kinderen onder begeleiding van Jeugdzorg zou worden toegestaan.
Het hof overweegt dat het kort geding niet geschikt is voor het treffen van definitieve voorzieningen en dat een getuigenverhoor in deze procedure niet passend is. Het belang van de kinderen staat voorop en het hof erkent het recht van de vader op omgang, maar stelt vast dat niet kan worden vastgesteld of omgang nu in het belang van de kinderen is.
De bodemrechter heeft de zaak aangehouden en de Raad voor de Kinderbescherming belast met een onderzoek naar de mogelijkheden van omgang. Het hof acht het daarom niet in het belang van de kinderen om nu een omgangsregeling vast te stellen, ook niet onder begeleiding. Het bestreden vonnis wordt bekrachtigd en de proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat een voorlopige omgangsregeling afwijst in afwachting van een raadsonderzoek.