De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld tot 41 dagen gevangenisstraf voor het onder 2 ten laste gelegde feit van diefstal met gebruik van een pinpas en pincode. In hoger beroep heeft het hof het vonnis vernietigd en de verdachte veroordeeld tot 70 dagen gevangenisstraf, waarvan 29 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.
Het hof acht bewezen dat de verdachte op 16 maart 2013 te ’s-Gravenhage samen met een ander een geldbedrag heeft weggenomen door middel van een valse sleutel, namelijk het gebruik van een pinpas en bijbehorende pincode. De verdachte werd vrijgesproken van overige tenlasteleggingen die niet bewezen konden worden.
De advocaat-generaal had een hogere straf geëist dan de rechtbank had opgelegd. Het hof motiveert de straf op basis van de ernst van het feit, het gebruik van valse sleutels en het gebrek aan respect voor eigendommen van anderen. De vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat deze een onevenredige belasting van het strafgeding zou opleveren en moet worden behandeld bij de burgerlijke rechter.
De opgelegde straf houdt rekening met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte en de ernst van het feit. De tijd van voorarrest wordt in mindering gebracht op de straf. Het arrest is gewezen door drie rechters en uitgesproken op 8 september 2014.