Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
BESCHIKKING
[verzoeker],
€ 4.482,07 (vierduizend vierhonderd tweeëntachtig euro en zeven eurocent).
Gerechtshof Den Haag
De verzoeker is door het gerechtshof Den Haag vrijgesproken van het ten laste gelegde, waarna hij een verzoek tot vergoeding van kosten voor rechtsbijstand, tijdverzuim en reiskosten indiende op grond van artikel 591a Sv. Het hof vernietigde eerder het vonnis van de rechtbank Dordrecht en sprak verzoeker vrij, wat onherroepelijk werd.
Het verzoek tot vergoeding omvatte €3.907,45 aan rechtsbijstandskosten, €1.000,- voor tijdverzuim, €57,94 aan reiskosten en €550,- voor kosten van het opstellen van het verzoekschrift en rechtsbijstand tijdens de behandeling daarvan. De advocaat-generaal stelde zich op het standpunt dat het verzoek moest worden afgewezen.
Het hof oordeelde dat gronden van billijkheid aanwezig zijn voor vergoeding van rechtsbijstandskosten en reiskosten voor zittingen, maar niet voor reiskosten voor bezoek aan de advocaat en niet voor de kosten van tijdverzuim, omdat niet was gebleken dat daadwerkelijk vervangingskosten waren gemaakt. De forfaitaire vergoeding van €550,- voor de behandeling van het verzoek werd eveneens toegekend.
Het hof wees het verzoek toe tot een totaalbedrag van €4.482,07 en wees het meerdere af. De beschikking werd in het openbaar uitgesproken op 22 juli 2014 door de meervoudige raadkamer van het gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: Verzoek tot vergoeding van kosten rechtsbijstand en reiskosten wordt toegekend voor een bedrag van €4.482,07.