ECLI:NL:GHDHA:2014:4464
Gerechtshof Den Haag
- Rekestprocedure
- M.J. Van Kempen
- H. Van den Wildenberg
- J. Van Wijk
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek vervangende toestemming erkenning en omgangsregeling minderjarige
De man verzocht het hof om in hoger beroep de beschikking van de rechtbank te vernietigen en alsnog vervangende toestemming te verlenen voor de erkenning van zijn minderjarige kind, alsmede een omgangsregeling vast te stellen. De rechtbank had deze verzoeken afgewezen en een informatieregeling vastgesteld.
De vrouw betoogde dat erkenning en omgang schadelijk zouden zijn voor de emotioneel kwetsbare minderjarige, die lijdt aan epilepsie en diabetes, en verwees naar de slechte relatie met de man, die eerder veroordeeld is voor mishandeling van de vrouw. De bijzondere curator onderschreef het oordeel van de rechtbank na aanvankelijke twijfel.
Het hof oordeelde dat de belangen van de minderjarige en de moeder bij een ongestoorde verhouding zwaarder wegen dan het belang van de man bij erkenning en omgang. De informatieregeling werd als redelijk beoordeeld en bekrachtigd. De verzoeken van de man werden afgewezen, waarbij het hof de gronden van de rechtbank overnam en bevestigde dat geen nieuwe feiten tot een ander oordeel leiden.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot vervangende toestemming tot erkenning en het verzoek tot vaststelling van een omgangsregeling af en bekrachtigt de beschikking van de rechtbank.