Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest van 21 januari 2014
Het geding
Beoordeling in hoger beroep
Uitgangspunten hof
De beslissing
- benoemt tot raadsheer-commissaris mr. Stollenwerck lid van dit hof;
- houdt iedere verdere beslissing aan.
Gerechtshof Den Haag
De zaak betreft een geschil tussen broer en zus over de uitleg van het testament van hun overleden vader. In het testament is de zoon benoemd tot erfgenaam, maar zijn erfdeel is beperkt tot de legitieme portie, waarbij het resterende deel aan de dochter toekomt.
De zoon vordert dat hij als erfgenaam wordt erkend en zijn erfdeel wordt vastgesteld, inclusief een berekening van zijn legitieme portie waarbij giften aan de zus in aanmerking worden genomen. Het hof stelt vast dat het erfdeel van de zoon 1/3 bedraagt volgens het oude erfrecht en dat hij recht heeft op goederen in natura.
Omdat essentiële gegevens ontbreken om de omvang van het erfdeel en de legitieme portie te berekenen, gelast het hof een comparitie van partijen. Hierbij zal ook worden besproken of een notaris als deskundige moet worden benoemd voor het opmaken van een boedelbeschrijving.
Het hof wijst erop dat niets erop wijst dat de dochter als executeur is benoemd en dat het niet uitsluitend haar taak is om een boedelbeschrijving op te maken. De comparitie is gepland op 4 maart 2014, waarna verdere beslissingen worden genomen.
Uitkomst: Het hof erkent de zoon als erfgenaam met erfdeel beperkt tot legitieme portie en gelast een comparitie voor boedelbeschrijving.