Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Arrest van 26 mei 2015
[appellant],
[geïntimeerde],
Het geding
Beoordeling van het hoger beroep
“Van je ouders en van mevrouw [O] hebben wij indertijd begrepen dat uw broer mede huurder was van het betreffende appartement. Wij hebben toen geadviseerd om in ieder geval de betalingen door uw broer te laten verrichten. (…). Het is wel evident dat het in de bedoeling lag uw broer als eerste huurder aan te merken. (…)”[appellant] heeft voorts erop gewezen dat hij vanaf januari 2003 de huurbetalingen heeft verricht, eerst aan [O] en daarna aan [geïntimeerde] (waartegen [geïntimeerde] in eerste instantie niet heeft geprotesteerd), en dat hem bovendien na het overlijden van [O] het recht van eerste koop is aangeboden.