ECLI:NL:GHDHA:2015:1762
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging vonnis inzake betaling lesgeld na onderbreking rijlessen wegens defect auto
Appellant is in hoger beroep gekomen tegen het vonnis van de kantonrechter dat hem veroordeelt tot betaling van een restant lesgeld van €490,-- aan de rijschool, vermeerderd met rente. Appellant voerde aan dat afwijkende afspraken waren gemaakt vanwege zijn verstandelijke beperking en autisme, waaronder het niet mogen onderbreken van lessen. Hij vorderde ook schadevergoeding wegens wanprestatie van de rijschool, maar deze reconventionele vorderingen werden afgewezen.
Het hof oordeelt dat appellant ontvankelijk is in hoger beroep, ondanks dat het bedrag van de conventionele vordering onder de appelgrens ligt, omdat de totale vorderingen (conventie en reconventie) samen boven die grens uitkomen. Het bewijsaanbod van appellant om zichzelf als getuige te horen wordt afgewezen omdat dit niet relevant is voor de vast te stellen feiten en de gestelde afwijkende afspraken niet bewezen zijn.
Het hof bevestigt dat appellant niet heeft ontbonden en dat de betalingsverplichting blijft bestaan. Een beroep op opschorting of verrekening faalt omdat de reconventionele vorderingen zijn afgewezen en niet aan de orde zijn. Het hof bekrachtigt het vonnis en veroordeelt appellant in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en veroordeelt appellant tot betaling van het restant lesgeld en in de proceskosten.