Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest van 29 september 2015
Interfood B.V.,
De Staat der Nederlanden (Ministerie van Financiën),
Het geding
Beoordeling van het hoger beroep
groep, is van belang dat Becofra, die op de hiervoor weergegeven wijze in 1995 de financiële last van de GOS-claim op zich had genomen en deze niet heeft doorgegeven aan Interfood Holding, in 1995 is uitgetreden uit de Interfood groep. Deze uittreding is erkend door Interfood (zie o.a. memorie van grieven nr. 25 waar Interfood Holding wordt aangeduid als ‘verkrijger van de Interfood groep van Becofra’). Dit betekent dat na de herstructurering van de Interfood groep het financiële risico terzake van de GOS-claim is achtergebleven in Becofra en niet is overgegaan naar de nieuwe Interfood groep, met aan het hoofd Interfood Holding.
“om het beoogde resultaat van de toetreding van de nieuwe aandeelhouders (versterken van het garantievermogen van de Interfood-groep door de door Becofra te ontvangen koopprijs weer in de Interfood-groep te laten vloeien) alsnog te bereiken”(memorie van grieven, nr. 42) is daartoe onvoldoende. Nu Interfood in dit opzicht niet heeft voldaan aan haar stelplicht, verwerpt het hof het betoog van Interfood dat de verstrekking van de achtergestelde lening in 2005 betekent dat het garantievermogen van de Interfood groep daarvoor lager was als gevolg van de GOS-claim.
stand alone basiswerd gefinancierd, en (ii) dat Interfood Holding en/of Becofra niet juridisch aansprakelijk waren voor deze financiering. Dat Fortis bij de financiering van Interfood “als regel” wel acht sloeg op het garantievermogen van de groep is bij deze stand van zaken onvoldoende onderbouwd.