ECLI:NL:GHDHA:2015:2745
Gerechtshof Den Haag
- Rekestprocedure
- Sutorius-van Hees
- Labohm
- Mulder
- Rechtspraak.nl
Wijziging draagplicht woonlasten voormalige echtelijke woning tot verkoop
In deze civiele zaak heeft het Gerechtshof Den Haag op 7 oktober 2015 uitspraak gedaan in hoger beroep over de draagplicht van de lasten van de voormalige echtelijke woning. De vrouw was in eerste aanleg niet geslaagd in haar verzoek om de man de volledige lasten van de woning te laten dragen. Zij stelde dat partijen een afwijkende afspraak hadden gemaakt, waarbij zij niet de helft van de lasten zou dragen.
De vrouw betoogde dat zij de woning in juli 2012 had verlaten en sindsdien de man er woonde en de woonlasten droeg. Zij verwees naar een verklaring van 9 april 2014 waarin partijen hadden afgesproken dat de man de kosten zou dragen. De man stelde dat als mede-eigenaar de vrouw verplicht was de helft van de lasten te betalen en dat de woning onverkoopbaar was.
Het hof oordeelde dat partijen inderdaad een afwijkende regeling hadden getroffen. Uit de stukken en verklaringen bleek dat de man voorlopig in de woning zou blijven wonen en de lasten zou dragen. De vrouw mocht erop vertrouwen dat de man zich niet op een gelijke draagplicht zou beroepen zolang hij de woning uitsluitend gebruikte.
Daarom vernietigde het hof het bestreden vonnis voor zover het de draagplicht betrof en wijzigde deze, zodat de man de lasten van de woning draagt zolang hij deze uitsluitend gebruikt. De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De man draagt de lasten van de voormalige echtelijke woning zolang hij deze uitsluitend gebruikt.