Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest van 28 april 2015
[appellante],
Stichting Vestia,
Het geding
Beoordeling van het hoger beroep
“Wij hebben vernomen dat een groot aantal panden aan de Finnenburg en de Hongarenburg is gekraakt. In dat kader vragen wij de aandacht van Vestia voor het feit dat de voorwaarden van de brandverzekering voor de panden van Vestia zijn gebaseerd op de verhuur van woningen en woongebouwen. Verzekeraars eisen dan ook dat deze panden op zo’n kort mogelijke termijn weer ter beschikking van Vestia worden gesteld, zodat spoedig tot de geplande (renovatie)werkzaamheden én (daarop volgende) verhuur kan worden overgegaan en het risicoprofiel van deze panden niet langdurig wijzigt. Wij verwachten dat verzekeraars de dekking voor panden waarin krakers zitten op korte termijn zullen beëindigen als deze situatie blijft voortduren.”
Beslissing
- bekrachtigt het tussen partijen gewezen vonnis van de voorzieningenrechter in de rechtbank Den Haag van 9 mei 2014;
- wijst af het door [appellante] in hoger beroep gevorderde;
- veroordeelt [appellante] in de kosten van het geding in hoger beroep, aan de zijde van Vestia tot op heden begroot op € 704,- aan verschotten en € 1.788,- aan salaris advocaat;
- verklaart dit arrest ten aanzien van de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.