ECLI:NL:GHDHA:2016:1185
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- P.J.J. Vonk
- E.M. Vrouwenvelder
- Chr.Th.P.M. Zandhuis
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over te hoge WOZ-waarde woning en aanslag onroerendezaakbelasting
Belanghebbende is eigenaar van een vrijstaande woning met inpandige garage en dakkapel, gelegen op een perceel met een oppervlakte van circa 917 m², waarvan 200 m² water is. De Heffingsambtenaar stelde de WOZ-waarde per 1 januari 2013 vast op €712.000 en legde een aanslag onroerendezaakbelasting op. Belanghebbende betwistte deze waarde en stelde dat de waarde te hoog is vastgesteld.
De Rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep ongegrond en handhaafde de waarde. In hoger beroep stelde belanghebbende dat de waarde €555.000 zou moeten zijn, terwijl de Heffingsambtenaar de oorspronkelijke waarde handhaafde. Het hof oordeelde dat de Heffingsambtenaar onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de waarde niet te hoog was vastgesteld, mede vanwege onduidelijkheid over de gebruikte matrices en de waardering van het perceel inclusief water.
Belanghebbende kon zijn lagere waarde niet voldoende onderbouwen. Het hof schatte daarom de waarde schattenderwijs op €650.000. De uitspraak van de rechtbank en de uitspraak op bezwaar werden vernietigd, de beschikking gewijzigd en de aanslag dienovereenkomstig verminderd. Tevens werd de Heffingsambtenaar veroordeeld in de proceskosten en griffierechten aan belanghebbende te vergoeden.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de woning wordt vastgesteld op €650.000 en de aanslag onroerendezaakbelasting dienovereenkomstig verminderd.