Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest van 19 juli 2016
[naam],
[bedrijf],
Het geding
Beoordeling van het hoger beroep
Beslissing
- vernietigt het tussen partijen gewezen vonnissen van de rechtbank Rotterdam van 27 november 2013 en 7 oktober 2015, voorzover daarbij [O] is toegelaten te bewijzen feiten en omstandigheden waaruit kan worden afgeleid dat VZB wist dat de notariële schuldbekentenis door [O] werd ondertekend onder invloed van een wilsgebrek, meer in het bijzonder (doch niet uitsluitend) de omstandigheid dat VZB wist dat door [P] niet een bedrag van € 40.000,- aan [O] is uitgeleend, en
- voor zover de vordering van [O] jegens VZB is afgewezen en [O] is veroordeeld in de proceskosten aan de zijde van VZB ad € 2.012,-,
in zoverre opnieuw rechtdoende:
- verklaart voor recht dat de akte van cessie opgemaakt op 5 januari 2012 en ondertekend door [P] en [Z] namens VZB en notaris M.G. van Ravesteyn ongeldig is;
- veroordeelt VZB om binnen 14 dagen na de datum van dit arrest aan [O] te voldoen de van hem geïncasseerde bedragen en de door hem betaalde deurwaarderskosten uit hoofde van de hiervoor genoemde akte van cessie, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf de datum van betaling van die bedragen;
- veroordeelt VZB in de kosten van het geding in eerste aanleg, aan de zijde van [O] tot op de datum van het eindvonnis van de rechtbank begroot op nihil aan verschotten en € 2.235,- aan salaris advocaat;
- bekrachtigt het vonnis voor het overige;
- veroordeelt VZB om al hetgeen [O] ter uitvoering van de bestreden vonnissen aan VZB heeft voldaan aan hem terug te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de dag van betaling tot de dag van terugbetaling;
- veroordeelt VZB in de kosten van het geding in hoger beroep, aan de zijde van [O] tot op heden begroot op € 405,19 aan verschotten en € 1.631,- aan salaris advocaat;
- verklaart dit arrest, behalve de verklaring voor recht, uitvoerbaar bij voorraad;
- wijst af het anders of meer gevorderde.