ECLI:NL:GHDHA:2016:3351
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schorsing tenuitvoerlegging en verwijzing executoriale beslagen in civiele aannemingsovereenkomst
Votis c.s. zijn in hoger beroep gekomen tegen een vonnis van de kantonrechter dat hen hoofdelijk veroordeelde tot betaling aan [geïntimeerde] wegens niet correct uitgevoerde stucwerkzaamheden. Votis c.s. vorderden in een incident de schorsing van de tenuitvoerlegging van dit vonnis en opheffing van executoriale beslagen die op een van de appellanten zijn gelegd.
Het hof overwoog dat de belangenafweging bij schorsing van de tenuitvoerlegging uitgaat van het vermoeden dat de schuldeiser belang heeft bij onmiddellijke uitvoering. Votis c.s. stelden een juridische en feitelijke misslag in het vonnis, maar slaagden er niet in dit voldoende te onderbouwen. De kantonrechter had terecht de stellingen van [geïntimeerde] over hoofdelijke aansprakelijkheid aanvaard wegens verstek van medegedaagden en had het verweer van Votis niet gepasseerd zonder motivering.
Daarom wees het hof de schorsingsvordering af. De vordering tot opheffing van executoriale beslagen valt onder de absolute bevoegdheid van de rechtbank en werd door het hof niet behandeld, met verwijzing naar de rechtbank Den Haag. De hoofdzaak werd verwezen naar een rolzitting voor beraad.
Uitkomst: De vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging wordt afgewezen en het hof verklaart zich onbevoegd voor de opheffing van executoriale beslagen.