ECLI:NL:GHDHA:2017:2058
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Uitleg samenlevingsovereenkomst en terugbetaling kosten tussen partners
Partijen zijn in 2008 een samenlevingsovereenkomst aangegaan waarin zij afspraken maakten over de kosten van de huishouding en de afwikkeling bij beëindiging van de relatie. Na het verbreken van de samenleving ontstond een geschil over terugbetaling van diverse bedragen die door [man twee] waren voorgeschoten.
[Man een] stelde dat hij geen rechtsgrond had om het bedrag van €875,- en andere kosten aan [man twee] terug te betalen, terwijl [man twee] stelde dat deze kosten en een schuldbekentenis van €20.445,72 door [man een] voldaan moesten worden. Het hof overwoog dat premies voor arbeidsongeschiktheid en ziektekosten wel als kosten van de huishouding konden worden aangemerkt, maar dat de schuld van €20.445,72 niet onder de huishoudkosten viel.
Het hof oordeelde dat gezien de feitelijke gedragingen en omstandigheden, waaronder het drankprobleem en het niet werken van [man een], hij erop mocht vertrouwen dat hij de schuld van €20.445,72 niet hoefde terug te betalen. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde [man een] tot betaling van €1.732,- aan [man twee], waarbij de proceskosten werden gecompenseerd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en veroordeelt [man een] tot betaling van €1.732,- aan [man twee], met compensatie van proceskosten.