ECLI:NL:GHDHA:2017:3023
Gerechtshof Den Haag
- Beschikking
- W.P.C.M. Bruinsma
- I.P.A. van Engelen
- L.F. Gerretsen-Visser
- Rechtspraak.nl
Toekenning schadevergoeding wegens onterechte voorlopige hechtenis en enkelband
De verzoeker werd in een strafzaak vrijgesproken door het gerechtshof Den Haag, dat het vonnis van de rechtbank Rotterdam vernietigde. Na deze vrijspraak verzocht verzoeker om een schadevergoeding op grond van artikel 89 Wetboek Pro van Strafvordering voor de periode van verzekering, voorlopige hechtenis en de periode waarin hij een enkelband droeg.
Het hof beoordeelde het verzoek en oordeelde dat de schadevergoeding toegekend kan worden voor de tijd in verzekering en voorlopige hechtenis, maar niet voor de periode waarin de voorlopige hechtenis was geschorst en de enkelband werd gedragen. Het dragen van een enkelband levert geen vrijheidsbeneming op in de zin van de wet en het EVRM.
De vergoeding werd vastgesteld op €105 per dag in beperkingen en €80 per dag buiten beperkingen, resulterend in een totaalbedrag van €3.275. Het meer of anders verzochte werd afgewezen. De beschikking werd op 25 oktober 2017 in het openbaar uitgesproken door het hof.
Uitkomst: Het hof kent een schadevergoeding van €3.275 toe voor de periode van verzekering en voorlopige hechtenis, en wijst vergoeding voor de enkelbandperiode af.