Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
- op 21 oktober 2016 een V-formulier van 12 oktober 2016 met bijlagen;
- op 21 november 2016 een V-formulier van 17 november 2016 met bijlagen;
- op 1 december 2016 een V-formulier van diezelfde datum met bijlagen.
- in de bestreden beschikking opgenomen de door partijen getroffen onderlinge regeling van hun betrekkingen na de echtscheiding, zoals neergelegd in het (in fotokopie) aan de bestreden beschikking gehechte ouderschapsplan, met dien verstande dat de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken (artikel 3.1) komt te luiden: “In een cyclus van twee weken verblijft de minderjarige bij de man in de ene week van zaterdag 13.00 uur tot 18.00 uur en in de andere week van zaterdag 13.00 uur tot zondag 18.00 uur.” Deze voorziening is uitvoerbaar bij voorraad verklaard;
- uitvoerbaar bij voorraad bepaald dat de man, met ingang van de dag waarop de beschikking van echtscheiding zal zijn ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand, voor de verzorging en opvoeding van de na te noemen minderjarige aan de vrouw zal betalen een bedrag van € 103,- per maand, telkens bij vooruitbetaling te voldoen.
- de bijdrage van de man in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarige [minderjarige] , geboren [in] 2011 te [geboorteplaats] , hierna ook: kinderalimentatie;
- de uitkering tot levensonderhoud voor de vrouw, hierna ook: partneralimentatie;
- de verdeling van de huwelijksgemeenschap;
- de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken, hierna ook: zorgregeling.
het hof begrijpt: voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen, en opnieuw recht doende te bepalen dat:
- de man met ingang van 8 maart 2016 aan de vrouw zal betalen een bedrag van € 361,02, althans subsidiair € 347,91, per maand als bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarige, telkens bij vooruitbetaling te voldoen;
- de man met ingang van 8 maart 2016 aan de vrouw zal betalen een bedrag van € 703,77 per maand als bijdrage in de kosten van levensonderhoud van de vrouw, telkens bij vooruitbetaling verschuldigd;
- de man inzage dient te verlenen in de saldi op 25 maart 2015 van zijn bankrekeningnummers [bankrekeningnummer 1] , [bankrekeningnummer 2] en [bankrekeningnummer 3] en de saldi op 25 maart 2015 van deze drie rekeningnummers bij gelijke helfte verdeeld dient te worden tussen partijen;
- de vrouw geen nabetalingen van de Belastingdienst die betrekking hebben op kinderopvangtoeslag in de periode tot 1 december 2015 heeft ontvangen, zodat zij niets aan de man dient terug te betalen;
- de helft van de door de vrouw ontvangen teruggave IB 2012 en 2014, die toekomt aan de man verrekend dient te worden met de helft van de saldi van de drie bankrekeningen van de man, welke toekomt aan de vrouw;
- de omgangsregeling te wijzigen in die zin dat de man elke veertien dagen van zaterdag 13.00 uur tot zondag 18.00 uur omgang heeft met de minderjarige, waarbij de man de minderjarige haalt en brengt naar de vrouw.
naar het hof begrijpt, in incidenteel appel bij beschikking, uitvoerbaar bij voorraad, voor zover rechtens mogelijk het appel ongegrond te verklaren en de bestreden beschikking te bekrachtigen wat betreft de bijdrage in de kosten van het levensonderhoud van de minderjarige en het ontbreken van de draagkracht om een bijdrage te leveren voor de vrouw, alsmede om de verzoeken van de vrouw af te wijzen en de incidenteel ingestelde beroepen toe te wijzen.
Kinderalimentatie
Partneralimentatie
Verdeling
Zorgregeling
Proceskosten
- de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarige;
- de wijziging van artikel 3.1 van het ouderschapsplan ter zake de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken;