ECLI:NL:GHDHA:2017:657
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Nietigverklaring vonnis wegens ontbreken dagvaarding en terugwijzing naar rechtbank
In deze strafzaak stond verdachte terecht voor een veroordeling door de politierechter in de rechtbank Den Haag. De verdachte was veroordeeld tot een gevangenisstraf van 8 weken met aftrek van voorarrest. Tegen dit vonnis was hoger beroep ingesteld.
Tijdens de terechtzitting in hoger beroep stelde de raadsman een preliminair verweer in dat het onderzoek in eerste aanleg nietig moest worden verklaard. Dit omdat aan de raadsman en verdachte geen afschrift van de dagvaarding was toegezonden conform artikel 51 van Pro het Wetboek van Strafvordering, waardoor zij niet op de terechtzitting van 20 juni 2016 konden verschijnen.
Het hof stelde vast dat het onderzoek van de politierechter had plaatsgevonden zonder dat de raadsman aanwezig kon zijn, terwijl deze wel was toegevoegd. De verdachte was ook niet aanwezig en werd bij verstek veroordeeld. Het hof verklaarde het onderzoek en het vonnis nietig en vernietigde het vonnis. Vervolgens wees het hof de zaak terug naar de rechtbank Den Haag om opnieuw recht te doen.
Deze beslissing volgt de conclusie van de advocaat-generaal en de pleitnota van de raadsman. Het arrest werd gewezen door drie rechters, waarbij één rechter en de griffier het arrest niet konden ondertekenen.
Uitkomst: Het hof verklaart het vonnis nietig en wijst de zaak terug naar de rechtbank voor een nieuwe behandeling.