ECLI:NL:GHDHA:2017:673
Gerechtshof Den Haag
- Rekestprocedure
- A.H.N. Stollenwerk
- C.M. Warnaar
- J. Zwagemaker
- Rechtspraak.nl
Beëindiging partneralimentatie wegens samenwoning als gehuwd volgens artikel 1:160 BW
In deze civiele zaak in hoger beroep heeft het Gerechtshof Den Haag geoordeeld over de beëindiging van partneralimentatie op grond van samenwoning als ware gehuwd volgens artikel 1:160 BW Pro. De vrouw voerde tegenbewijs aan tegen de stelling van de man dat zij met haar nieuwe partner een gemeenschappelijke huishouding voert, maar slaagde hier niet in.
Het hof overwoog dat de vrouw weliswaar bewijsstukken over betalingen aanvoerde, maar deze ontkrachten niet de financiële verwevenheid met haar nieuwe partner. Getuigenverhoren werden afgezegd, waardoor schriftelijke verklaringen niet konden worden geverifieerd. Een uittreksel uit de Basisregistratie Personen toonde aan dat de vrouw op 16 november 2016 stond ingeschreven op het adres van haar nieuwe partner.
Het hof bevestigde dat de partneralimentatie eindigt op het moment van samenwoning als ware zij gehuwd, hier vastgesteld op 1 april 2014. De vrouw dient de te veel ontvangen alimentatie vanaf die datum terug te betalen. Het beroep op rechtsverwerking door de vrouw werd verworpen. Daarnaast wees het hof het verzoek van de man af om de vrouw te veroordelen in de kosten van het rapport van het recherchebureau en compenseerde de proceskosten in hoger beroep.
Uitkomst: De partneralimentatie eindigt per 1 april 2014 wegens samenwoning als ware gehuwd en de vrouw moet te veel ontvangen alimentatie terugbetalen.