Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Arrest van 31 januari 2017
in de zaak met bovenvermeld zaaknummer van:
MARINA PORT ZÉLANDE B.V.,
appellante,
DELTA BOAT CENTER HOLDING B.V.
Het geding
Beoordeling van het hoger beroep
(2.1) Op 11 juli 2009 hebben partijen een huurcontract getekend met opschrift “Huurovereenkomst kantoorruimte en andere bedrijfsruimte in de zin van artikel 7:230a BW”. Hierbij heeft Marina Port Zélande aan Delta Boat bedrijfsruimte verhuurd, gelegen aan de [adres] te [woonplaats]. Deze bedrijfsruimte (hierna ook: het gehuurde) betreft een gebouwde onroerende zaak met een vloeroppervlak van 1500 m² en is gelegen aan de jachthaven aldaar. In het gehuurde is ruimte om 10 (grote) jachten uit te stallen voor de verkoop. Aan Delta Boat zijn tevens verhuurd 10 ligplaatsen voor boten aan de verkoopsteiger, plus 6 extra ligplaatsen voor motorboten aan de binnenzijde van de verkoopsteiger. Daarnaast bevat de huurovereenkomst de verhuur van 5 parkeerplaatsen.
(2.2) Artikel 1.3 van het huurcontract houdt in:
“Het gehuurde zal door of vanwege huurder uitsluitend worden bestemd om te worden gebruikt als showroom/verkoopruimte voor motorboten/jachten en bijbehorende onderdelen en accessoires en voor de makelaardij in motorboten/jachten. De exploitatie van een watersportwinkel en een service center is hier niet onder begrepen.”(2.3) Bij het thans bestreden vonnis van 17 juli 2015 heeft de kantonrechter (in het dictum) voor recht verklaard dat tussen partijen een huurovereenkomst tot stand is gekomen als bedoeld in artikel 7:290 BW Pro. Dit deel van het vonnis is dus een eindvonnis, waartegen tijdig hoger beroep is ingesteld.
Marina Port Zélande heeft dit bestreden. Zij is, aldus Marina Port Zélande, nog steeds verhuurder. Zij huurde de bedrijfsruimte aanvankelijk van Jachthaven Port Zélande B.V. en inmiddels van de nieuwe eigenaar REPZ B.V. Haar huurovereenkomst met Delta Boat is er een van onderhuur (met Marina Port Zélande als onderverhuurder en Delta Boat als onderhuurder). Hierin is door de verkoop aan REPZ B.V. niets veranderd.
(i) Er is sprake van een gebouwde onroerende zaak.
(ii) In het gehuurde worden motorboten (roerende zaken) ter verkoop uitgestald,
verkocht en van hieruit afgeleverd aan particulieren.
(iii) Het gehuurde is gedurende openingstijden vrijelijk voor publiek
toegankelijk.
Dit zijn de kenmerken van artikel 7:290 BW Pro.
Slotsom
zover aan de zijde van Delta Boat begroot op € 711,-- aan griffierecht en € 1.788,-- aan salaris van de advocaat, en op € 131,- aan nasalaris voor de advocaat, nog te verhogen met € 68,- indien niet binnen veertien dagen na aanschrijving in der minne aan dit arrest is voldaan en vervolgens betekening van dit arrest heeft plaatsgevonden;
- bepaalt dat deze bedragen binnen 14 dagen na de dag van de uitspraak dan wel, wat betreft het bedrag van € 68,--, na de datum van betekening, moeten zijn voldaan, bij gebreke waarvan deze bedragen worden vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro vanaf het einde van genoemde termijn van 14 dagen;
- verklaart dit arrest ten aanzien van de proceskosten uitvoerbaar bij voorraad.