ECLI:NL:GHDHA:2018:1476
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- P.B. Kamminga
- A.H.N. Stollenwerck
- B. Breederveld
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake medewerking verkoop en levering gezamenlijke woning na beëindiging samenleving
Partijen, een man en een vrouw, hadden een affectieve relatie en woonden samen met een samenlevingsovereenkomst waarin afspraken waren gemaakt over hun gezamenlijke woning. Na beëindiging van de samenwoning in december 2014 wilde de vrouw de woning verkopen, maar de man verleende geen medewerking, ondanks een afspraak over aflossing van de hypotheek.
De rechtbank veroordeelde de man tot volledige medewerking aan de verkoop en levering van de woning, met een uitvoerbaar bij voorraad verklaring. De man ging in hoger beroep tegen deze veroordeling. Tijdens het hoger beroep werd ook een incident behandeld over de uitvoerbaarheid bij voorraad, dat door het hof werd afgewezen.
Het hof richt zich in deze procedure vooral op de ontvankelijkheid van het hoger beroep, waarbij het de inschrijving van het hoger beroep in het rechtsmiddelenregister en de betekening van het vonnis aan de man onderzoekt. Het hof vraagt partijen zich uit te laten over de juridische vraagstukken rondom de inschrijving en de gevolgen daarvan voor de ontvankelijkheid.
De woning is inmiddels verkocht en moet op 2 juli 2018 worden geleverd, waardoor het hof streeft naar een snelle uitspraak. Het hof houdt verdere beslissing aan en stelt partijen in de gelegenheid om zich schriftelijk uit te laten over de ontvankelijkheidsvraagstukken.
Uitkomst: Het hof houdt de beslissing over de ontvankelijkheid van het hoger beroep aan en stelt partijen in de gelegenheid zich schriftelijk uit te laten, met een eindarrest gepland voor 19 juni 2018.