Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Arrest van 13 november 2018
de Nederlandse Artsen Acupunctuur Vereniging,
de Artsenvereniging voor Integrale Geneeskunde,
Het geding
De beoordeling van het hoger beroep
In plaats daarvan treedt een stelsel van titelbescherming voor de daarvoor in aanmerking komende beroepen, waarbij het voeren van een wettelijk beschermde beroepstitel wordt voorbehouden aan bepaalde groepen van deskundigen. Met deze titel kan men zich kenbaar maken als deskundige op het desbetreffende vakgebied. Er worden registers ingesteld waarin degenen die aanspraak willen maken op titelbescherming zich kunnen doen inschrijven. Het recht op het voeren van de titel ontstaat door inschrijving in het desbetreffende register.” (Zie: Kamerstukken II, 1985/86, 19 522, nr. 3, p. 2).
te waarborgen dat de deskundigheid van de in het BIG-register ingeschreven (titelgerechtigde) beroepsbeoefenaren op peil blijft.”(Zie: Kamerstukken II, 2005/06, 30 463, nr. 3, p. 2.)
Er zal dan ook gestart worden met het invoeren van een systeem van periodieke registratie waarbij wordt uitgegaan van de norm dat het kennis- en vaardighedenniveau van de BIG-geregistreerde ten minste is gelegen op het niveau van de initiële opleiding. Deze norm garandeert het basisniveau dat van een professionele beroepsbeoefenaar verlangd mag worden.” (Zie: Kamerstukken 2005/06, 30 463, nr. 3, p.2)
Hieronder volgt een opsomming van mogelijke bewijsstukken voor herregistratie op basis
Alternatieve geneeskunde
en op het verrichten waarvan de opleiding tot dat beroep, bedoeld bij of krachtens hoofdstuk III van de wet, is gericht. (…)”.
primair:
dat het verlenen van zorg die niet tot de reguliere gezondheidszorg wordt gerekend niet als relevante werkervaring voor de herregistratie van de artsen mag worden geteld(cursivering hof, hierna ook wel: de gewraakte bepaling)
,in strijd is met het recht, waaronder de Wet BIG, en mitsdien onverbindend is;
subsidiair
alleartsen) van belang zijn voor herregistratie, waarbij is aangeknoopt bij de werkzaamheden die zijn uitgewerkt in de besluiten waarbij de opleidingseisen voor de diverse beroepsgroepen (dus in casu het besluit voor opleidingseisen voor artsen) zijn gesteld. Ook is in die brief vermeld dat voor de werkervaringseis niet meetellen de werkzaamheden die, in tegenstelling tot de reguliere, niet zijn gebaseerd op kennis, vaardigheden en ervaring die vereist zijn om de desbetreffende opleiding te kunnen behalen en uit te oefenen.