Uitspraak
Gerechtshof Den Haag
Arrest
[verdachte],
BESLISSING
mr. C.J. van der Wilt en mr. B.P. de Boer,
Gerechtshof Den Haag
De verdachte werd beschuldigd van het doen van een valse bommelding en mishandeling van een persoon in Dordrecht. De bommelding bestond uit mededelingen over een geplande aanslag met een atoombom op het station Dordrecht op 6 februari 2017. De rechtbank sprak de verdachte vrij van een van de ten laste gelegde feiten en sprak ontslag van rechtsvervolging uit voor de bommelding, met plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis voor de duur van één jaar.
In hoger beroep werd het vonnis bevestigd. Het hof verwierp het verweer dat de bommelding niet serieus genomen hoefde te worden en dat er geen sprake was van een bedreiging. Volgens het hof stelt artikel 142a Sr geen eis dat de melding serieus of bedreigend moet zijn; het oogmerk om anderen ten onrechte te doen geloven dat er een explosief aanwezig is, is voldoende voor bewezenverklaring.
De toerekeningsvatbaarheid van de verdachte werd bevestigd, mede op basis van de tijdens de zitting gebleken persoonlijke omstandigheden. Het hof verklaarde de verdachte niet-ontvankelijk in hoger beroep voor het deel gericht tegen de vrijspraak en bevestigde het vonnis voor de overige tenlasteleggingen. De strafrechtelijke maatregel blijft de plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis voor een jaar.
Uitkomst: Het hof bevestigt de veroordeling en maatregel van plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis voor één jaar met ontslag van rechtsvervolging voor de valse bommelding.