Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Uitspraak: 11 april 2018
- de man, bijgestaan door zijn advocaat;
- de advocaat van de moeder;
- de bijzondere curator;
- de raad, vertegenwoordigd door [vertegenwoordiger van de raad] .
- Uit de affectieve relatie van de moeder en de man is geboren: [de minderjarige] [in] 2014 te [geboorteplaats] , hierna te noemen: de minderjarige.
- De minderjarige is op 14 december 2015 door [de juridische vader] erkend bij notariële akte, van welke erkenning door de ambtenaar van de burgerlijke stand een latere vermelding is gemaakt op de geboorteakte van de minderjarige op 17 december 2015.
- Uit een uittreksel gezagsregister blijkt dat de moeder en [de juridische vader] vanaf 8 februari 2016 gezamenlijk met het gezag over de minderjarige zijn belast.
- De man, de moeder en de minderjarige hebben de Nederlandse nationaliteit.
- Bij beschikking van de rechtbank Den Haag van 18 januari 2016 is [de bijzondere curator] voornoemd benoemd tot bijzondere curator teneinde de minderjarige ingevolge artikel 1:212 van Pro het Burgerlijk Wetboek te vertegenwoordigen.
- Na DNA-onderzoek is gebleken dat de man met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid de verwekker is van de minderjarige.