Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest van 4 juni 2019
Woningstichting Haag Wonen,
Het verdere verloop van het geding
Beoordeling van het hoger beroep
In gebreke stelling
www.kinky.nlen dat zij hun klanten in het gehuurde ontvangen. [X] was ten tijde van deze inspectie niet aanwezig in het gehuurde.
eerstegrief van Haag Wonen is gericht tegen de overweging dat niet kan worden vastgesteld dat [X] niet meer in het gehuurde woonachtig was. Volgens Haag Wonen is het ingevolge artikel 11 lid 4 van Pro de huurvoorwaarden aan [X] om te bewijzen dat hij het onafgebroken hoofdverblijf in het gehuurde heeft gehad. [X] heeft geen enkel bewijs aangedragen. Volgens de
tweedegrief heeft de kantonrechter in het vonnis de gevolgen van de tekortkomingen van [X] niet vermeld en hadden de vorderingen van Haag Wonen moeten worden toegewezen. Door [X] zijn geen omstandigheden aangetoond die zouden moeten leiden tot afwijzing. De
derdegrief en
vierdegrief zijn gericht tegen de belangenafweging door de kantonrechter. De grieven lenen zich voor een gezamenlijke behandeling.