ECLI:NL:GHDHA:2019:1977
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging onthouding schone lei wegens niet-naleving sollicitatieplicht in schuldsaneringsregeling
Appellant is in de schuldsaneringsregeling geplaatst vanwege problematische schulden. De rechtbank heeft hem de schone lei onthouden omdat hij niet voldeed aan zijn sollicitatieplicht, een verplichting binnen de regeling. Appellant voerde aan dat psychische problemen hem belemmerden, maar kon dit niet voldoende onderbouwen met medische stukken.
De bewindvoerder stelde dat appellant onvoldoende solliciteerde van maart 2017 tot het einde van de regeling en dat hij geen vrijstelling van de sollicitatieplicht had. Een keuring door de GGD in januari 2019 kon niet met terugwerkende kracht arbeidsongeschiktheid vaststellen.
Het hof oordeelt dat appellant toerekenbaar tekort is geschoten in zijn verplichtingen, ondanks waarschuwingen en een verlenging van de regeling met twee jaar om tekortkomingen te compenseren. De medische stukken en het huisartsenjournaal maken niet aannemelijk dat appellant volledig arbeidsongeschikt was.
Gezien het feit dat appellant al een extra kans kreeg en deze onbenut liet, vindt het hof dat verlening van de schone lei niet op haar plaats is en bekrachtigt het het vonnis van de rechtbank.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat appellant de schone lei wordt onthouden wegens niet-naleving van de sollicitatieverplichting.