ECLI:NL:GHDHA:2019:2358
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- I.P.A. van Engelen
- Chr. A. Baardman
- F.W. van Lottum
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken wettig en overtuigend bewijs van bedreiging bovenburen
In hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter is de verdachte vrijgesproken van het ten laste gelegde bedreigen van zijn bovenburen. Het hof oordeelde dat de gedragingen van de verdachte, waaronder het gooien van een steen en bedreigende uitlatingen, niet wettig en overtuigend bewezen konden worden als bedreigingen gericht tegen het leven of zware mishandeling.
Het hof nam mee dat de verdachte in een vertrouwelijk gesprek met zijn reclasseringsbeambte woorden heeft geuit die niet bedoeld waren om de bovenburen te bereiken. Ook de uitlatingen aan de wijkagent werden niet als opzettelijke bedreigingen aangemerkt, mede omdat de wijkagent was geïnformeerd door de reclasseringsbeambte en de verdachte mocht rekenen op vertrouwelijkheid.
De vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard omdat de verdachte werd vrijgesproken en er geen kosten waren gesteld die de verdachte had gemaakt. Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en sprak de verdachte integraal vrij.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van wettig en overtuigend bewijs van bedreiging.