Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest van 23 april 2019
[de man] ,
[de vrouw] ,
Het geding
2 november 2018. De zaak is daarbij verwezen naar de rol van 4 december 2018 voor het nemen van grieven aan de zijde van de man.
Beoordeling van het hoger beroep
Algemeen
- de man veroordeeld om na betekening van het vonnis medewerking te verlenen aan de toedeling en levering van de woning aan de [adres] conform de bepalingen van de als productie 2 aan de dagvaarding gehechte conceptakte, waarbij de vrouw aan de man bij levering een bedrag van € 12.300,- dient te betalen;
- bepaald dat, voor zover de man met die medewerking in gebreke blijft, het vonnis dezelfde kracht heeft als de voor die toedeling en levering benodigde medewerking van de man aan het passeren van die akte, waarbij die akte zal worden aangepast aan de omstandigheid dat de man zijn medewerking aan het passeren daarvan heeft geweigerd.
Achtergrondinformatie
- € 17.500,- ter zake de inventaris van de loods en
- € 1.700,- ter zake nog door de man te dragen hypothecaire rente en aflossing met betrekking tot die loods.