Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Uitspraak van 29 oktober 2019
[X] te [Z] , belanghebbende,
de heffingsambtenaar van de gemeente Den Haag, de Heffingsambtenaar,
Procesverloop
Vaststaande feiten
Oordeel van de Rechtbank
3. In geschil is of de naheffingsaanslagen terecht zijn opgelegd.
Omschrijving geschil in hoger beroep en standpunten van partijen
Conclusies van partijen
Beoordeling van het hoger beroep
binnen drie wekenna de datum van verzending van deze brief te reageren.
Wel of geen nadere zitting
bij voortduringinladen en uitladen van zaken van enige omvang of enig gewicht, onmiddellijk nadat het voertuig tot stilstand is gebracht en gedurende de tijd die daarvoor nodig is. Nu belanghebbende zich erop beroept dat sprake is geweest van laden en lossen moet gelet op het onder 6.4.3 genoemde arrest van de Hoge Raad worden vastgesteld of het voertuig uitsluitend heeft stilgestaan zo lang als nodig was voor het ononderbroken verrichten van het geheel van handelingen dat noodzakelijk is om de zaken bij het restaurant in ontvangst te nemen en in het voertuig te brengen, dan wel uit het voertuig te halen en bij het restaurant af te geven. Belanghebbende heeft dit, alle omstandigheden in aanmerking genomen, waaronder de afstand tussen de parkeerplaatsen en het restaurant en de route van en naar het restaurant die daarbij gevolgd moest worden, met hetgeen hij heeft aangevoerd en overgelegd, niet aannemelijk gemaakt. Er is dus geen sprake van laden en lossen als bedoeld onder 6.4.2 en 6.4.3. Hieruit volgt dat de vraag of de controlesystematiek van de Heffingsambtenaar voldoende is om vast te stellen of al dan niet sprake is van laden en lossen, niet meer beantwoord hoeft te worden.
Proceskosten en griffierecht
Beslissing
1. Bij het beroepschrift wordt een kopie van deze uitspraak gevoegd.
2. Het beroepschrift wordt ondertekend en bevat ten minste:
- de naam en het adres van de indiener;
- de dagtekening;
- de vermelding van de uitspraak waartegen het beroep in cassatie is gericht;
- de gronden van het beroep in cassatie.