De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld voor diefstal van een portemonnee uit een bestelauto en contant geld, met een maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders voor twee jaar. In hoger beroep bevestigt het hof de veroordeling voor de diefstal van de portemonnee, maar spreekt de verdachte vrij van de diefstal van contant geld wegens onvoldoende bewijs.
Het hof baseert zijn oordeel op getuigenverklaringen, camerabeelden en het verhoor van de verdachte. De verdachte werd herkend op beelden waarop hij de loods binnenging en de bestelauto betrad. Zijn verklaring dat hij koper wilde inzamelen wordt niet geloofd vanwege gebrek aan ondersteuning en bewijs.
De verdachte is een stelselmatige dader met een lange reeks veroordelingen en weigert medewerking aan reclassering en behandeling. De reclassering adviseert een ISD-maatregel vanwege het hoge recidiverisico en niet-coöperatieve houding.
Het hof acht de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders passend en geboden, gelet op de ernst van het feit, het delictverleden en het recidiverisico. De verdachte wordt veroordeeld tot deze maatregel voor de duur van twee jaren.