ECLI:NL:GHDHA:2020:1129
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake aansprakelijkheid verkeersongeval motorfiets en open portier geparkeerde auto
Op 12 mei 2017 vond een verkeersongeval plaats waarbij een motorrijder op een fietsstrook tegen het opengeklapte portier van een geparkeerde auto botste. De motorrijder raakte gewond en zijn motorfiets werd zwaar beschadigd. De bestuurder van de auto opende zijn linker portier zonder voldoende voorzichtigheid te betrachten, wat leidde tot het ongeval.
In eerste aanleg stelde de rechtbank vast dat de motorrijder niet aansprakelijk was en dat de automobilist in strijd met de Wegenverkeerswet handelde door het portier te openen. De automobilist werd in reconventie aansprakelijk gesteld. In hoger beroep betwistte de automobilist deze aansprakelijkheid en voerde verschillende grieven aan tegen de vaststellingen van de rechtbank.
Het hof oordeelde dat het openen van het portier een bijzondere manoeuvre is waarbij de automobilist het overige verkeer voor moet laten gaan en voldoende voorzichtig moet zijn. De motorrijder reed met een toegestane snelheid en handelde niet onvoorzichtig. Het hof verwierp de grieven van de automobilist en bevestigde het vonnis van de rechtbank. De automobilist werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten in hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vorderingen van de motorrijder af, bevestigend dat de automobilist aansprakelijk is voor het ongeval.