Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Arrest van 3 maart 2020
in de zaak met bovenvermeld zaaknummer van:
[X] B.V., h.o.d.n. [handelsnaam] ,in hoedanigheid van bewindvoerder van [naam] ,
appellante,
hierna te noemen: de bewindvoerder q.q.,
[naam] hierna te noemen: huurster of de moeder,
hierna tezamen te noemen: huurster c.s.(vrouwelijk enkelvoud),
advocaat: mr. J. Berkouwer te Vlaardingen,
Stichting Woonbron,gevestigd te Rotterdam,geïntimeerde,hierna te noemen: Woonbron,
Het geding
- het procesdossier van de eerste aanleg, waaronder het tussen partijen gewezen vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Rotterdam van 21 december 2018 (hierna: het bestreden vonnis),
- de dagvaarding in hoger beroep van 1 februari 2019,
- de memorie van grieven (met 1 productie),
- de memorie van antwoord.
Beoordeling van het hoger beroep
(2.1) Huurster, geboren op [geboortedag] 1991, heeft met ingang van 24 augustus 2017 van Woonbron een woning gehuurd tegen een huurprijs (ten tijde van de inleidende dagvaarding) van € 713,08 per maand. De woning (of het gehuurde) ligt aan [adres] in [plaats] . Huurster heeft huurachterstanden laten ontstaan. Huurster staat inmiddels onder beschermingsbewind.
(2.2) Op 23 mei 2018 heeft de politie een hennepkwekerij met 153 planten en apparatuur aangetroffen in de slaapkamer van het gehuurde. De stroom voor de kwekerij werd illegaal afgetapt. Huurster had deze slaapkamer aan een derde in gebruik gegeven.
(2.3) Sinds 5 september 2018 is de dochter van huurster ( [dochter] ) op het adres van de woning ingeschreven. Zij is in augustus 2018 bij haar moeder komen wonen. Jeugdbescherming is bij [dochter] betrokken. Zij heeft de ziekte van Kartagener (een chronische aandoening van de longen) en heeft gespiegelde organen.
(2.4) Na de hierna beschreven procedure bij de kantonrechter is de woning op 20 januari 2019 ontruimd. Moeder en dochter verblijven sindsdien bij de grootouders (de ouders van moeder, begrijpt het hof).
De procedure bij de kantonrechter
De procedure in hoger beroep
Verdere beoordeling van het hoger beroep
Slotsom
Beslissing
- bekrachtigt het bestreden vonnis;
- veroordeelt de bewindvoerder q.q. in de kosten van het geding in hoger beroep, aan de zijde van Woonbron tot op heden begroot op € 741,-- aan verschotten en € 1.074,-- aan salaris advocaat.