ECLI:NL:GHDHA:2020:668
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- G. Knobbout
- F.P. Geelhoed
- J. Leliveld
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verdachte in hoger beroep wegens ontbreken grieven
In deze strafzaak is de verdachte in eerste aanleg veroordeeld tot een gevangenisstraf van twee maanden, waarvan één maand voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, met aftrek van voorarrest. Tegen dit vonnis is hoger beroep ingesteld door of namens de verdachte.
Tijdens de terechtzitting in hoger beroep op 12 maart 2020 heeft het hof vastgesteld dat er geen schriftelijke grieven tegen het vonnis zijn ingediend. Tevens zijn er geen mondelinge bezwaren geuit, noch door de verdachte zelf, noch door een gemachtigde raadsman, die ook niet aanwezig was.
Het hof ziet geen reden om ambtshalve de zaak inhoudelijk te behandelen en verklaart de verdachte daarom niet-ontvankelijk in het hoger beroep op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering. Hiermee blijft het vonnis van de politierechter in stand.
Uitkomst: Verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van grieven.